|
Adaptiviteit in Architectuur - Aanzet tot een evaluatiemethode en resultaten van een evaluatie |
|
Guido Chorus
|
|
Friday, 22 June 2007 |
Tijdens de evaluatie van de gemeente Amsterdam door middel van de voorbereidende scan werd vrij snel duidelijk dat er verschillende belangrijk geachte elementen niet aanwezig zijn. Zo is de rationaliseringsketen niet expliciet gemaakt waardoor er geen fundering is voor alle gekozen oplossingen in de architectuurdocumentatie. Tevens zijn er geen stakeholders en concerns opgenomen waardoor de validiteit van de architectuurprincipes niet gegarandeerd is. De gemeente Amsterdam dient de rationaliseringsketen dan ook expliciet op te nemen in de volgende versie. Aangezien de architectuurdocumentatie belangrijke elementen mist zou de holistische scan niet mogen worden uitgevoerd.Dit is omwille van het onderzoek toch gedaan. Helaas blijkt de holistische scan in de huidige vorm onvoldoende concreet waardoor er geen aanbevelingen zijn ontstaan vanuit deze scan.
De aspectscan Adaptiviteit heeft als doel om te evalueren in hoeverre de beschreven architectuur in de architectuurdocumentatie en de architectuurdocumentatie zelf de adaptiviteit van een organisatie bevorderen. Deze scan heeft op haar beurt een voorbereidende scan en een specifieke scan. De voorbereidende scan is wederom bedoeld om vooraf te bepalen of het uitvoeren van de complete scan wel haalbaar en toepasbaar is. De gemeente Amsterdam komt met de huidige versie van de architectuurdocumentatie ook niet door deze scan. Omwille van het onderzoek is de architectuurdocumentatie toch geëvalueerd door middel van de specifieke aspectscan. Hieronder volgt een aanbeveling die voortkomt uit de aspectscan Adaptivteit:
Op operationeel niveau is de gemeente Amsterdam flexibel, omdat men gebruik maakt van standaardisatie, modularisatie en integratie. Nieuwe initiatieven en diensten kunnen dan snel ingebed worden. Het probleem is echter dat wanneer deze veranderingen (initiatieven en diensten) of wensen van stakeholders op strategisch niveau niet gezien worden, zij ook niet verwerkt worden. Flexibel zijn op operationeel niveau is dan niet toereikend. Een belangrijke aanbeveling is dan ook dat men op strategisch niveau het adaptieve vermogen dient te verbeteren.
Een aanbeveling die voortkomt uit de SOAscan is dat op generiekniveau de services goed geïmplementeerd lijken te zijn, maar op detailniveau mist de architectuurdocumentatie een aantal belangrijke punten. Zij kunnen het verschil maken tussen het slagen of falen van SOA. De architectuurdocumentatie is op dit moment niet concreet genoeg om volledig te kunnen migreren naar een service georiënteerde architectuur.
De ADEM is door de keuze om alleen architectuurdocumentatie te evalueren vrij beperkt. Er kan hierdoor alleen geëvalueerd worden op aanwezigheid, en niet naar de inhoudelijke correctheid van gemaakte keuzes in de architectuur. Het is dus beter om het architecting‐gedeelte te evalueren dan de log ervan (de architectuurdocumentatie). Toch is deze aanzet belangrijk omdat erop voortgebouwd kan worden en bij het opstellen van architectuur het duidelijk is geworden aan welke elementen er expliciet aandacht besteed moet worden, inclusief de rationale.
[PDF]
|