Er dreigt een groot misverstand rondom de Nederlandse Overheid Referentie Architectuur. Van een brede benadering van de architectuur van de Nederlandse overheid, lijken we terecht te komen in een enkel op interoperabiliteit gerichte ontwikkeling. In het “NORA katern Strategie” wordt een enorme versmalling van de intentie en werking van de NORA voorgesteld. De opstellers van dit katern hebben een oproep gedaan om dit document te reviewen. In dit artikel wordt in dat kader gezocht naar de oorzaak van het dreigende misverstand. Ook worden voorstellen gedaan om een drastische inperking van de werking van NORA te voorkomen.
Voor het eerst na het verschijnen van NORA2.0 in het voorjaar van 2007, ligt er een document dat delen van versie 2.0 moet gaan vervangen, het Strategiekatern, vrijgegeven voor publieke review in januari 2009*. In de presentatie van dit katern wordt al snel duidelijk welke reductie van scope, doel en daarmee ook werking van de toekomstige NORA lijkt plaats te vinden. Om te beginnen een citaat:
Burgers en bedrijven verwachten een goed functionerende overheid. Het delen van informatie door overheidsorganisaties, de zogenoemde interoperabiliteit, is hiervoor een belangrijke voorwaarde. NORA is een raamwerk dat overheidsorganisaties helpt om deze interoperabiliteit te realiseren aan de hand van een samenhangende set van principes. (Erik Saaman, 16 januari 2009)
Burgers en bedrijven verwachten inderdaad een goed functionerende overheid. En het is ook juist dat het delen van informatie hiervoor een belangrijke voorwaarde is. Het delen van informatie wordt vervolgens en passant beperkt tot interoperabiliteit. In het Strategiekatern wordt interoperabiliteit als volgt gedefinieerd: “The ability of two ore more systems or elements to exchange information and to use the Information that has been exchanged.” In het bovenstaande citaat wordt gesteld dat de NORA helpt om deze interoperabiliteit te realiseren. Eén van de voorwaarden voor een goed overheidsfunctioneren, het delen van informatie, wordt op deze manier via de introductie van de term ‘interoperabiliteit’ verheven tot de doelstelling van de NORA.
Hoe ver we dan inmiddels afgeraakt zijn van de oorspronkelijke doelstelling van NORA, blijkt uit het volgende citaten uit NORA2.0:
Verbetering van overheidsdienstverlening en administratieve lastenverlichting met steun
van de Nederlandse Overheid Referentie Architectuur en doorontwikkeling van de
elektronische overheid. (Harry van Zon, Directeur innovatie en informatiebeleid openbare sector Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, NORA2.0, pagina 2).
De Nederlandse Overheid Referentie Architectuur (NORA) bevat inrichtingsprincipes, modellen en standaarden voor het ontwerp en de inrichting van de elektronische overheid. Het accent ligt daarbij op het mogelijk maken van samenwerking tussen overheidsorganisaties in ketens en netwerken. (NORA pagina 12)
Deze citaten laten zien dat NORA een veel breder doel dient dan louter ‘interoperabiliteit’. Anders dan het strategiekatern (in regel 176) stelt, was de motivatie om de NORA te maken niet ingegeven door de behoefte om meer grip te krijgen op de ontwikkeling van ICT-systemen. De NORA is gemaakt om een bijdrage te leveren aan samenhang in onder meer overheidsdiensten, keten- en bedrijfsprocessen, organisatie- en besturingsvraagstukken, de informatiehuishouding, de technologie, de beveiliging en het beheer van dit alles. Architectuur kan en moet bijdragen aan het verminderen van begripsverwarring, cultuurverschillen en belangentegenstellingen. Het delen van informatie maakt hier weliswaar deel van uit, maar er is dus veel meer dan dat. In de NORA wordt niet alleen gekeken naar de informatie-uitwisseling, maar naar de constellatie van samenwerkende overheidsorganen, die elkaar, burgers en bedrijven services verlenen. Dit vloeit voort uit de architecturale ontwerpbenadering die bekend staat als service oriented architecture. Deze ontwerpbenadering kan beschouwd worden als de opvolger van de werkstroomgerichte ontwerpbenadering en die weer als de opvolger van de gegevensgerichte benadering**. Door het voornemen de NORA te beperken tot ‘interoperabiliteit’ vallen we dus twee architecturale benaderingen terug.
Compact document voor een brede doelgroep
In het strategiekatern wordt aangegeven (regel 92) dat er behoefte is aan een compacte NORA voor een brede doelgroep. Eén van de offers die daarvoor gebracht moet worden is dat de scope nadrukkelijker (is) afgebakend tot interoperabiliteit (regel 94). Een compacte NORA voor een brede doelgroep is een lastige, zo niet onmogelijke opgave. Alsof er een handboek voor het onderhoud van een Airbus geschikt moet worden gemaakt voor passagiers, directies van reisbureaus en managers van hotelketens. Het is ook niet nodig. NORA is een handboek, een naslagwerk voor hoogopgeleide overheidsarchitecten. Zij zorgen wel voor een ‘vertaling’ van NORA-principes naar concrete maatregelen binnen provincies, waterschappen, gemeenten en andere overheidsorganisaties. Ontwikkelingen als die van de Modelarchitectuur Rijksdienst (MARIJ), de Referentie Architectuur Flevoland (RAF), de Gemeentelijke Model Architectuur (GEMMA), en het Handboek Architectuur van de Gemeente Amsterdam bewijzen dat.
Het misverstand over de bredere doelgroep wordt ook geïllustreerd door de zinsnede “Bestuurders en managers toetsen projecten, I&A-agenda’s, systemen, werkprocessen, et cetera aan de hand van NORA-principes” (regel 134). Bestuurders en managers hebben andere zaken aan hun hoofd en laten dit soort werkzaamheden dan ook over aan architecten. NORA is niet bedoeld voor bestuurders en managers. Zij moeten wel weten dat er een NORA is en waartoe NORA dient. Hiervoor bestaat dan ook al een publicatie, “NORA toegelicht”***, uitgegeven door ICTU / Kenniscentrum.
Vreemd gevoel
Veel architecten hebben moeite om erkenning voor hun brede vakgebied te krijgen bij hun managers. Te vaak zien managers architecten als ‘vertegenwoordigers van de IT-afdeling’. Zo wordt de NORA inmiddels niet meer gezien. De NORA is algemeen geaccepteerd op bestuurlijk niveau. Het Kabinet heeft NORA2.0 in 2008 vastgesteld als norm voor de gehele overheid. In het NUP is deze status door alle bestuurslagen bekrachtigd. Het voelt vreemd aan om bestuurders nu uit te moeten gaan leggen dat de NORA eigenlijk alleen maar over interoperabiliteit gaat.
Advies
De NORA wordt inmiddels door architecten van tal van overheidsorganisaties actief toegepast. Eerder is al gewezen op de ‘vertalingen’ van NORA richting afzonderlijke bestuursorganen. Projecten die uitgevoerd worden door onder meer ICTU zijn in hoge mate NORA-compliant. Deze projecten hebben door hun nationale werking een grote invloed op de architecturale keuzes die op alle bestuurslagen worden gemaakt. Zo hebben enkele provincies gezamenlijk besloten Proofs of Concept uit te voeren met de toepassing van de overheidsservicebusstandaarden. Architecten hebben dit voorgesteld en bestuurders hebben het goedgekeurd. Het is dan ook niet nodig om de NORA compacter te maken en een bredere doelgroep te bereiken. Om bestuurders en managers nog meer te betrekken bij het werken onder architectuur zijn andere middelen geschikter.
In plaats van compacter voor een bredere doelgroep, wordt het wel hoog tijd om de NORA te actualiseren en op onderdelen aan te vullen. De ontwikkeling van de e-overheid gaat snel. De technologie staat niet stil en standaarden worden wereldwijd permanent geactualiseerd. Architecten hebben grote behoefte aan een betrouwbaar naslagwerk, waarin de jongste inzichten en standaarden zijn meegenomen. NORA is al bijna 2 jaar oud en vertoont veel tekenen van achterstallig onderhoud.
Daarom kunnen de volgende adviezen worden gedaan:
Laat NORA het actuele, betrouwbare en hoogwaardige richtsnoer zijn voor goed opgeleide architecten.
Betrek andere stakeholders, zoals bestuurders, managers en ontwerpers via specifiek op hen gerichte documenten en media bij de ontwikkeling van een samenhangende e-overheid. Mocht uit evaluaties zijn gebleken dat “NORA toegelicht” niet langer voldoet, maak dan een verbeterde en actuele versie.
Handhaaf het brede perspectief van waaruit de NORA is opgesteld. Architectuur is meer dan interoperabiliteit.
Handhaaf de Service Gerichte Architectuur als architecturale ontwerpbenadering. De overheid als een weldoordacht en goed ontworpen conglomeraat van dienstverlenende organisaties; aan elkaar en aan burgers en bedrijven.
Hou de bestaande structuur van NORA, gebaseerd op het NORA-raamwerk, zoveel mogelijk in stand. Veel van NORA afgeleide documenten volgen de structuur van NORA. De verbinding tussen NORA en afgeleide documenten zou wegvallen bij een drastische structuurwijziging.
Geef prioriteit aan het actualiseren en aanvullen van de NORA. Maak daarbij gebruik van MARIJ, GEMMA, RAF, WaterschapsInformatieArchitectuur (WIA) en dergelijke documenten, die op onderdelen meer actueel zijn dan de bron waaruit zij zijn ontstaan: NORA2.0.
NORA2.0 telt veel pagina’s omdat veel context en uitleg is toegevoegd aan de architectuurprincipes. Voor NORA3.0 zou gekozen kunnen worden voor een meer compacte tekst en alleen de belangrijkste 50 tot 60 principes, aangevuld met losse katernen waarin meer uitleg, verdieping en details te vinden zijn. Het verband tussen deze katernen is dan ook transparant en daarmee wordt de onderlinge consistentie beter geborgd.
Written by
This e-mail address is being protected from spam bots, you need JavaScript enabled to view it
on 12-02-2009 16:25
De reactie van Guido is gebaseerd op de kandidaatversie van het katern Strategie. Dit is niet de definitieve versie. Op dit moment vindt een openbare review plaats waarbij waardevolle reacties, zoals die van Guido, worden verzameld. Op basis van deze reacties zal de NORA-expertgroep Strategie de definitieve versie opstellen. Ik nodig Guido en andere lezers van harte uit om deel te nemen aan de review. De procedure voor de review is beschreven op www.noraforum.nl/review.aspx. De review loopt tot 27 februari. Daarna zal de expertgroep reageren op de ingezonden bijdragen.
Written by
This e-mail address is being protected from spam bots, you need JavaScript enabled to view it
on 13-02-2009 17:12
Jaren geleden mocht ik mijn huis verbouwen. Het moest 2 meter breder, drie muren eruit en een nieuwe keuken op een andere plaats en zelfs een verplaatsing van de meterkast. Een soort betere dienstverlening aan het gezin van 4 mannen en 1 vrouw. Slimme mannen/vrouwen hebben voor mij een tekening gemaakt waarin buizen, muren etc stonden afgebeeld. Diamters van buizen weergegeven in de standaarden zoals gebruikelijk in die sector. Je gelooft het niet, maar binnen 5 weken gaf de gemeente zijn bouwvergunning af omdat de blauwdruk van de verbouwing voor een spcialist zo goed leesbaar was. Eerlijk gezegd heb ik niets van het ding begrepen(koste best wel veel geld), maar heb wel het huis gekregen dat voldeed aan de gewenste functionaliteit. Wat ik kwijt wil is dat de resultaten van de e-overheid al lang door bestuurders zijn vastgelegd in heel veel mooie stukken proza.(misschien geen strategie, maar daar konden zij nog wel eens anders over denken) Dit hoeven we niet nog een keer te doen en mijn bestuurders zullen ook echt niet reageren op dit katern dat blijkbaar voor hen geschreven is. De NORA was er voor de architecten. Zelfs ik als informatiemens kan hier goed mee uit de voeten en nu wacht ik al een hele tijd op bijvoorbeeld een goed geo aansluiting. Blijkbaar is daar geen tijd voor. Ik was blij met de houvast die de NORA bood voor de ontwikkelingen binnen mijn werkveld. Ik zie nu weer ivoren torens en roze wolken ontstaan. Ik onderschrijf Guido\'s reactie, dat we even met de verkeerde dingen bezig zijn . Graag weer terug naar de inhoud Haagse collega\'s.
Written by
This e-mail address is being protected from spam bots, you need JavaScript enabled to view it
on 14-02-2009 10:51
Ik zie dat deze bijdrage ook op www.digitaalbestuur.nl is gepubliceerd. Met ook daar ruime gelegeheid tot het geven van sterk, ebvenwichtig enzovoort commentaar. Meer dan de moeite waard!
Ik lees dat je je behoorlijk zorgen maakt over de NORA, haar doelstelling en toekomst. Ik deel je zorg, maar niet geheel om dezelfde redenen.
In Nederland BV wil de overheid architctuur inzetten als hulpmiddel voor allerhande zaken. Inmiddels zijn er al heel wat 'architecturen' gemaakt. De samenhang is niet voor een ieder meer helder.
Als ik vragen stel zoals : - Hoe wil de nederlandse overheid met architectuur omgaan? - Hoe relateren de huidige architecturen zich tot elkaar? (overlap, witte vlekken, verantwoording...). - Wat is de overall visie op E-dossiers in nederland (de dossier schieten de grond uit) - enzovoorts, enzovoorts dan krijg ik verschillende antwoorden of helemaal geen antwoorden.
Ik denk dat het tijd begint te worden om in de beroemde helicopter te gaan zitten, zodat we kunnen zien wat er is, zodat we kunnen bepalen hoe de huidige architecturen bijdragen aan 'architectuur binnen de overheid', zodat we de witte vlekken helder hebben en een echte visie en strategie gaan maken voor dit complexe onderwerp. Dan wordt het wellicht ook een stuk helderder welke architecturen er nodig zijn, met welke scope en impact, en wie en hoe hier op gestuurd gaat worden.
Ik denk dat via deze weg de scopingsproblematiek, waar jij je onder andere zorgen over maakt, ook zeker boven tafel komt.
Zaakgericht werken is een principe dat een belangrijke rol speelt bij lokale overheden, maar zeker ook breder toepasbaar is. Het heeft veel overeenkomsten met service-oriëntatie. Het basisidee is dat je de diensten die je aanbiedt goed definieert en dat je de bijbehorende service levels bewaakt. Er zijn allerlei architectuurbouwblokken die een rol spelen bij zaakgericht werken zoals zaaksystemen, zaakmagazijnen en Persoonlijke Internet Pagina's. De vraag is echter wanneer de verschillende bouwblokken relevant zijn en hoe ze met elkaar samenhangen. Is bijvoorbeeld een zaakmagazijn noodzakelijk voor het publiceren van de status van vergunningen op Internet? In dit item zet ik alle belangrijke architectuurbouwblokken op een rij en laat hun samenhang zien.
Uitvoerende overheidsorganisaties scoren onder de maat in de onderlinge samenwerking en informatie-uitwisseling. Dat knelt vooral nu ons kabinet anno 2008 meer dan zijn voorgangers inzet op interventiebeleid. Zonder een goed beheerd stelsel van uitvoeringsafspraken over informatie-uitwisseling komt de haalbaarheid van dit beleid in gevaar.
De noodzaak van digitale architectuur binnen de overheid wordt steeds nadrukkelijker onderkend. ICT Uitvoeringsorganisatie (ICTU) is druk bezig met de derde versie van NORA, een referentiearchitectuur voor de gehele publieke sector. Daarnaast wordt op specifiekere niveaus binnen de overheid druk gewerkt aan afgeleide referentiearchitecturen zoals MARIJ (voor de Rijksoverheid), PETRA (voor de provincies), GEMMA (voor de gemeentes) en de WILMA (voor de waterschappen). Dit zijn allemaal referentiearchitecturen, oftewel een soort sjablonen waaruit de individuele architecturen voor de verschillende overheidsorganisaties kunnen worden afgeleid.
Daan Rijsenbrij, Marlies van Steenbergen en Paul Laagland
Thursday, 31 December 2009
Hoe zou jij architectuur willen omschrijven?
Fred: “Ik vind het wel handig om de vergelijking te maken met de bouw van een huis. IT-architectuur in een bedrijf is voor mij een conceptuele plaat van een samenhangend stelsel van zaken die in zijn geheel een werkend construct moet zijn. Net als een architectuurplaat een heel huis beschrijft en dan op een manier dat de samenhang tussen de verschillende onderdelen van het huis zichtbaar is. Je probeert op een zo strak mogelijke manier de gebruikswensen voor het huis te vertalen in een helder conceptueel beeld. Je moet er in kunnen wonen, kunnen slapen, je wilt ook kunnen douchen. Als je dat allemaal een beetje netjes, overzichtelijk ingeregeld wilt hebben, dan ziet dat er zo uit.
Op dit moment zijn van de referentie architecturen voor Nederlandse overheidsorganisaties zowel de NORA als de GEMMA volop in ontwikkeling. Bovendien wordt er gewerkt aan de PETRA, voor provincies en wordt de informatie architectuur voor waterschappen WIA verder uitgewerkt in de WILMA. Samen met de MARIJ voor de rijksoverheid vormen deze referentie architecturen de kaders waarbinnen overheidsorganisaties hun architectuur zouden moeten vormgeven. De vraag is wat een specifieke organisatie, laten we zeggen een doorsnee grote gemeente, hieraan heeft. Wat voegen deze referentie architecturen toe, en vooral ook: wat niet?
Voor u ligt het verslag van het onderzoek naar de vraag “in hoeverre het ontwerp van een ICToplossing kan bijdragen aan een ICT-oplossing die recht doet aan de ambitie en de eisen van de business”. Dit afstudeeronderzoek is verricht in het kader van de Masteropleiding “Business Process Management & IT” van de Open Universiteit Nederland, faculteit Informatica.
Gemeenten worden geconfronteerd met allerlei ontwikkelingen die van invloed zijn op hun informatievoorziening. Belangrijke ontwikkeling in dat kader is de verplichting om bepaalde gegevens nog maar eenmalig uit te vragen en meervoudig te gebruiken. Dit roept allerlei vragen op rondom de noodzakelijke gegevensuitwisseling tussen applicaties en de wijze waarop deze wordt ondersteund door generieke voorzieningen. Kan zoiets als een Gemeentelijke Service Bus hierin ondersteunen en hoe zou een dergelijke voorziening er uit zien? Dit artikel beschrijft het resultaat van een onderzoek in de gemeente Gouda naar een dergelijke voorziening.
Gemeenten, ministeries, provincies, waterschappen en uitvoeringsinstellingen hebben enthousiast gereageerd op het verschijnen van de Nederlandse Overheid Referentie Architectuur. Inmiddels is een nieuw document verschenen: het Strategiekatern. Hierin wordt een drastische koerswijziging aangekondigd, waarover dan ook een heftige discussie is ontstaan. Velen maken zich daardoor zorgen over het draagvlak onder de NORA. Een analyse.
NORA, de Nederlandse Overheid Referentie Architectuur, is vooral bedoeld om de samenhang tussen de relatief onafhankelijke overheidsorganisaties te optimaliseren en de organisatieoverschrijdende ketens te borgen. Het zal duidelijk zijn dat een dergelijke architectuur dient te worden gecoördineerd en beheerd. Meestal benoemen we voor deze functie een Chief Architect, maar in dit geval geef ik de voorkeur aan de titel ‘Digitale Rijksbouwmeester’.
Met al die ANDEZ aanbestedingen ligt de term midoffice bij velen op de lippen. Maar wat is dat eigenlijk,
zo'n midoffice? Sommigen denken (terecht) dat het een technische voorziening is om berichten uit te
wisselen tussen front- en backoffice. Anderen beweren (terecht) dat het primair om het multi-channel
frontoffice gaat (met de kanalen web, telefoon, balie en post). Weer anderen denken (ook terecht) dat een
midoffice iets is om een klantcontactcentrum (KCC) te ondersteunen bij de afhandeling van lichte
bouwvergunningen etc. Wat is het nou?
Op 12 januari is op het NORA-Forum de openbare review van het NORA-katern Strategie van start gegaan. In versie 3.0 van NORA (Nederlandse Overheid Referentie Architectuur) is dit het centrale, verbindende katern. Je kunt nu participeren in de review van dit strategisch katern.
Toen de meeste mensen nog gewoon in een
fabriek werkten, waren er twee soorten medewerkers –
fabrieksarbeiders en kantoorpersoneel. Je droeg al naar gelang je
positie of een ranzige overall, of een schoon overhemd – bij
voorkeur met een hagelwit boordje. Dat was duidelijk.
Toen de dienstensector opkwam, kwam er
behoefte aan een nieuwe tweedeling. De mensen die in de vuurlinie
stonden – de medewerkers met klantcontacten, bijvoorbeeld achter
het loket van een bankfiliaal – werden ingedeeld bij de
frontoffice, en de mensen die op de achtergrond hun werk deden –
medewerkers van de administratieve organisatie en de stafdiensten –
hoorden even vanzelfsprekend bij de backoffice. In de wandelgangen
werd het vaak zo samengevat: de frontoffice verdient het geld, en de
backoffice maakt het op.
Wat zou de midoffice hieraan nog kunnen
toevoegen?
In de discussie over de modernisering van gemeentelijke dienstverlening speelt het
woord ‘Midoffice’ een dominante rol. De term wordt gebruikt als onderdeel van de
gemeentelijke bedrijfsarchitectuur waarbij klantcontacten op een slimme manier gekoppeld
worden aan de verschillende gemeentelijke organisatie-onderdelen, de
‘backoffice’. De ervaring leert dat er niettemin ook nog veel vragen zijn over de midoffice.
Onderstaande analyse van het fenomeen midoffice kan helderheid verschaffen.
Op woensdag 27 februari heeft Jan Kees de Jager - staatssecretaris van Financiën, verantwoordelijk voor de Belastingdienst - de Tweede Kamer ingelicht over het meest recente probleem bij de Belastingdienst: 730.000 digitale belastingaangiftes inmiddels ingediend, zijn door een fout in het computersysteem onbruikbaar geworden. Als IT-deskundige vraag ik mij dan af hoe dat kan.
David Campbell, Robin van 't Wout, Paul van Vlaanderen
Tuesday, 10 April 2007
Dit rapport beschrijft de belangrijkste bevindingen van de evaluatie met de voorbereidende scan van de ADEM op onderzoeksobject de NORA versie 1.0. De algemene indruk bij het document is positief. De NORA bevat die onderdelen welke nodig zijn voor haar doel. Hieronder volgt een beschrijving van de voornaamste bevindingen. De ingevulde evaluatietabellen zijn gesorteerd naar vereiste, gewenste en aanbevolen elementen, bijgevoegd.
Werken met integrale architectuurconcepten is een effectieve manier van beschouwen, analyseren en beschrijven van de totale organisatie. Architectuurdenken helpt je te vergelijken, te meten, routes uit te zetten, te modelleren, te ontwerpen en uiteindelijk om toekomstvast en kosteneffectief een efficiëntere overheid in te richten en onderhouden.
Daan Rijsenbrij draagt drie oplossingen aan voor de problemen bij de Belastingdienst: Een moderne toekomstvaste geïntegreerde architectuur, een rationalisatie van de bedrijfsprocessen en een realistisch transformatiepad. Maar eerst moet er een volwassen IT-Governance komen en dienen de bestaande architectuurschetsen te worden afgestoft.
De rijksoverheid heeft ambitieuze herstructurerings-plannen. Er circuleren ‘managementagenda’s’ waarin topambtenaren zich uitspreken voor verdere samen-werking tussen overheidsinstellingen waarbij het verbeteren van de dienstverlening aan burgers, bedrijfsleven en andere organisaties meer centraal komt te staan. Voor deze doelgroepen moet de interne structuur van de rijksoverheid meer een black box zijn, reden voor een pleidooi om de diverse departementen niet langer eigen logo’s e.d. te laten voeren. Dus op weg naar één overheid? ...
This article offers an overview of steps that have been taken in order to develop e-government in The Netherlands under architectural guiding principles.